zn. · Nederlands
deugeniet
/ˈdøː.ɣə.nit/ — van deugen + niet. Een schavuit; rakker — een charmante ondeugd. Kleding voor baby's, kleine kinderen en jongeren.
Het merk
deugeniet deugt niet.
Liefkozend oneerbiedig. Een schavuit, goed gekleed — van de wieg tot de tienerjaren.